Bij de islamitische Hui-Chinezen in het noordwesten van China wordt een vrouw begraven. Haar man en de zoon met vrouw en kinderen blijven achter. Ze leven op het weidse platteland en zijn straatarm. Ze hebben alleen een paar kippen en een stier. De zoon wil de stier offeren bij een ceremonie ter ere van zijn moeder. De vader heeft daar zichtbaar moeite mee, maar respecteert zijn wens. De stier voelt zijn dood naderen en stopt met eten en drinken. Hij ziet “het mes in het heldere water” dat hij geacht wordt op te drinken.

 

De film is van een adembenemende schoonheid. De beelden lijken schilderijen. De belichting doet denken aan Rembrandt en Vermeer. De zorgvuldige composities refereren aan grote Russische meesters als Andrej Tarkovski en Andrej Zvjagintsev. Hier wordt een verhaal met een geweldige intensiteit en poëzie verteld, met stille personages die aan één woord genoeg hebben. Het formaat is bijzonder: eerder zou je een breed panoramisch beeld verwachten voor de weidse landschappen, maar we krijgen een bijna vierkant beeld, omdat Wang de aandacht van de toeschouwer niet wil afleiden. Een verstild juweeltje.

OV: MANDARIJNS
OT: NEDERLANDS